Een lied van Henk en Ingrid, als Adieu aan mijn VK-blog

 

 

‘De veiligheid is mijn leidsel’

 

Een lied van Henk en Ingrid

De veiligheid is mijn leidsel, mij ontbreekt iets;
Zij doet mij me neerleggen in angstige wijken;
Zij roeit mij in troebele wateren;
Zij verkwikt mijn vrees.
Zij leidt mij in de eenzijdigheid  
om harer populariteits wil.
Zelfs al leef ik in een land van grote vrijheid,
ik vrees het kwaad,
want zij blijft bij mij;
haar leus en haar slogan, die omringen mij.
Zij richt voor mij een tafel aan
waaraan ik geen disgenoot vertrouw;
Zij vult mijn hoofd met haarzelf,
mijn beker is nooit vol,
Ja, angst en argwaan zullen mij volgen
al de dagen van mijn leven;
ik zal in het huis van veiligheid verblijven
tot in lengte van dagen.

©  Hans Kloos

Nog een week en dan klapt de Volkskrant haar paraplu, waaronder ze zes jaar lang aan ruim 16.000 bloggers een droog en vindbaar plekje bood, onverbiddelijk dicht. Het zij zo.

De onverwachte email, waarmee hoofdredacteur Philippe Remarque ons van dit marktconforme besluit op de hoogte stelde, riep bij mij allereerst teleurstelling op.
Ruim vijf jaar lang was het VK-blog voor deze vergrijzende vrijwilliger in de Nederlandse Samenleving een welkom instrument om zijn inzichten en overtuigingen de wereld in te slingeren.

Extra aantrekkelijk was het burgerjournalistieke medium,  omdat deze ‘Paraplu van de Volkskrant’ mij de mogelijkheid bood, dat menig belangstellende of potentiële medeblogger mijn bijdragen onder ogen kon krijgen.
Immers, de Volkskrant is zo’n sterk merk, dat iedereen weet waarover je het hebt en het dus via Google kan vinden, zonder zelfs een adres genoteerd te hebben.

Zelf  krijg je als blogger een aantrekkelijke portie van – wat de Fransen  – “la joie de se voir imprimé “ – noemen. De kop van jouw artikel blijft enkele kwartieren tot uren zichtbaar op de rechterkolom van de Voorpagina van het VK-blog, totdat deze uiteindelijk door versere bijdragen van andere bloggers  ‘kopje onder’ wordt geduwd.

Over een week is de Volkskrant Paraplu historie. Al weken woedt er op het VK-blog dan ook een discussie over hoe nu verder. Zelf heb ik prioriteit gegeven aan mijn eigen bezinning op de vraag “hoe nodig en noodzakelijk  is het voor mij dat ik mijn inzichten en overtuigingen de wereld in blijf slingeren?”.  Regelmatig ben ik ook een toegewijd Wikipediaan, die er plezier in heeft om een lemma aan deze democratische digitale encyclopedie  toe te voegen dan wel te verbeteren.
En, ‘last but not least’ is er ook nog een andere dan de digitale wereld, namelijk de zintuiglijke, fysieke wereld, waarin mijn geliefde, mijn (klein)kinderen, mijn vrienden,  mijn volkstuin en de sauna mijn aandacht vragen. En niet te vergeten heel veel teruggeven! Vandaar!

Graag sluit ik vijf jaar bloggen op het Volkskrantblog in stijl af.
Ik kies daarvoor een item uit de media, dat me de afgelopen week erg raakte, te weten:

Een parafrase op  ‘De Heer is mijn Herder’, psalm 23, een Lied van David.

Kippenvel krijg ik ervan, hoe raak de dichter met deze regels, die hij als het ‘Lied van Henk en Ingrid’ typeert, de diepere drijfveer van Geert Wilders en diens PVV-achterban bloot legt.

Het gedicht stemt mij nederig, als ik me realiseer dat ik gedurende de afgelopen vijf jaar menig blog publiceerde waarmee ik stelling nam tegen de verWildering van het land, waarvoor mijn vader – zes weken na mijn geboorte – als verzetsman door de SD werd gearresteerd.

En dat ik er – nu – mee moet leven dat de – zichzelf  ‘Christelijk’ noemende – politieke partij, het CDA, de partij waarvoor diezelfde vader nog enkele jaren wethouder was, haar ziel heeft verkocht aan diezelfde Geert Wilders en zijn PVV.

Met nu – in de campagne voor 2 maart a.s –  als grootste smoes van Verhagen,  Brinkman en Haersma Buma, dat zij tenminste “verantwoordelijkheid nemen”.

“Bah! – en nog eens – bah!"
 
 

Advertenties
Geplaatst in Joop van Haaften-2011-02 | Tags: , , , , , | 5 reacties

Gezocht: ‘eer en geweten’ van de ex- (CDA) – ministers Verburg en Klink – deel 2

“>>>>  Ga naar deel 1
 
 qkkkk
Hier volgt mijn laatste  en (10e)

Terug naar de confrontatie tussen VVD-minister Edith Schippers en Marianne Thieme van de Dierenpartij tijdens het Kamerdebat van 12 januari j.l.
Ik laat mijn letterlijke transcriptie van het fragment volgen:

ES  =  Minister Edith Schippers
MT =  Marianne Thieme, fractievoorzitter Partij voor de Dieren

ES     … Soms kun je ook ergens niet op ingaan. Het is erg gemakkelijk en ik heb overwogen op het volgende niet in te gaan. Namelijk op de uitspraak van mevrouw Thieme, die het heeft over ‘dood door schuld’. Het is altijd lastig.  Moet je nou doen of het niet gezegd is of ga je er uiteindelijk op in?
Ik vind het wel een ernstige uitspraak. De kern is: Is er naar eer en geweten gehandeld?  Dat is voor mij waar het hier om gaat. Heeft de overheid misbruik gemaakt van zijn positie? Bewust? Om er beter van te worden? Hebben mensen dat gedaan? Dat is allemaal niet aan de orde.
Er is door de vorige bewindslieden naar eer en geweten gehandeld.
En dan vind ik het nogal wat om die mensen ‘door door schuld’ te verwijten. Daar zegt u nogal wat. Ja, ik ben daar een beetje geëmotioneerd over. Ik vind het eigenlijk buitenproportioneel en onfatsoenlijk.
Ik vind het heel belangrijk dat een overheid kritisch is op zijn eigen handelen. Dat ze het lef heeft om terug te kijken met de vraag ‘hebben we het allemaal goed gedaan?’. Had het beter gemoeten?  Ook als het jouw voorgangers zijn. Maar om hier ‘dood door schuld’ aan te wrijven…..
Als u wilt dat dat voortaan niet gebeurt, moet u vooral met dit soort termen komen!
Ik vind dat een moderne overheid naar zijn eigen handelen kijkt en als er fouten zijn gemaakt, dat erkent.  Dat ze lessen trekt voor de toekomst. Dat zie ik als een sterke, moderne overheid.
 
[De minister stoot met zwabberende handen een ffffff – klank uit.]
 
De uitspraken van mevrouw Thieme werp ik verre van mij. Ik klink geëmotioneerd en dat ben ik ook. Ik vind het onfatsoenlijk, ja,  ik vind het buiten iedere proportie!
 
MT      Ja, voorzitter, als je kijkt naar wat ‘dood door schuld’ betekent, dan heeft dat alles te maken met ‘verwijtbaar handelen’. Niet alleen ik, maar er zijn veel mensen die dat de overheid verwijten:
De besmettingshaarden werden niet bekend gemaakt. En dat terwijl er zwangeren waren, die dertig keer meer kans hebben om dood te gaan van Q-koorts. Die wisten niet dat ze daar en daar niet moesten fietsen omdat er een besmet geitenbedrijf was.
Er werd een fokverbod ingesteld nadat het fokseizoen al voorbij was. De minister van Landbouw hield de meldingsplicht, waardoor we alles hadden kunnen weten over waar de Q-koorts zich bevond, een jaar lang tegen. Met als reden dat het te veel gedoe was voor de veehouderij.
Ze stelde de sectorbelangen hier dus duidelijk voorop.
Als dat soort dingen kunnen gebeuren, dan stel ik dat terecht, gezien de buitensporige effecten die de Q-koorts-epidemie op onze samenleving heeft gehad.
Ik noem de economische effecten en de  persoonlijke drama’s, waaronder 15 doden, terwijl de overheid wist van de relatie tussen de ziekte en de intensieve veehouderij.
En dan nog geen maatregelen te nemen!
Dat noem ik verwijtbaar handelen. En dan begrijp ik ook de mensen goed die het ‘dood door schuld’ noemen, zoals ik in mijn eerste termijn stelde.
Het maakt dat ik diep en diep treurig ben over het gevoerde beleid. En u kunt kun er dan wel emotioneel over zijn, maar gaat u maar eens,  aan de patiënten  en de nabestaanden van de 15 doden,  uitleggen, waarom u niet van plan bent om hen schadeloos te stellen . Dat ze zich maar beter hadden moeten verzekeren…
 
(Applaus uit de mager gevulde kamerbankjes)

[Commentaar JvH]

Om in positieve zin te beginnen merk ik op dat het optreden van de nieuwe minister van Volksgezondheid in algemene zin indruk maakte. Hier stond een zelfbewust bewindspersoon, die haar eigen rol en positie helder analyseerde en beschreef, en ook innam. Die de indruk wekte geen ‘papieren’ doorzettingsmacht nodig te hebben om indien nodig het primaat van Volksgezondheid op te eisen. Zo hoort het natuurlijk ook!

Onthullend schril was het contrast met de eerdere optredens van haar ‘met CDA-koorden geknevelde’ ambtsvoorganger Ab Klink, de aarzelende academicus, die zich door collega Verburg liet inpakken met ‘ontbrekend wetenschappelijk bewijs’ en andere rationalisaties.
 
Echter, één stelling van de nieuwe minister, is totaal totaal niet plaatsen. Die wordt ook nergens concreet inhoudelijk onderbouwd, namelijk: “Er is door de vorige bewindslieden naar eer en geweten gehandeld.”

Ruim twee jaar volg ik dit dossier nu intensief. Niet alleen als geïnteresseerd ‘burgerjournalist’, maar ook als potentieel besmetbaar Q-koorts-patiënt, omdat mijn twee broers en een zus en hun gezinnen wonen in de regio Druten, nog geen 20 km verwijderd van de eerste besmettingshaard, namelijk Herpen bij Oss.

Waarom geeft de minister plotseling haar overtuigende inhoudelijke benadering op en slaat zij de benoemde feiten en conclusies uit en rond het rapport van de Commissie Van Dijk volledig in de wind?

Gaat haar loyaliteit aan de coalitiepartner echt zover, dat zij nu al – nog maar net aan het begin van haar ambtsperiode – haar geloofwaardigheid op het spel zet ????
De debatterende Kamerleden waren blijkbaar zo geïntimideerd door haar bestraffende uitval richting Marianne Thieme, dat ze niet eens meer op het idee te kwamen ernaar te vragen.

Laat mij het dan hier haar die vraag alsno stellen:

Kan de minister mij uit de periode vȯȯr 9 december 2009 concrete voorbeelden van handelen dan wel nalaten noemen, waarmee de ministers Verburg en Klink ‘naar eer en geweten’ – gehandeld hebben om het aantal ‘besmettingen in de humane kolom’ tot een minimum te beperken?

Ik kan iedere geïnteresseerde aanraden om de doorslaggevende Zembla-uitzending van 6 december 2009 nog eens te bekijken.

Al kijkend zal de verbijstering toeslaan staan over de lichtvaardige uitlating van Edith Schippers, onze – overigens als capabel overkomende – nieuwe minister ‘voor de (gezondheid van ) de mensen’, over ‘de eer en het geweten van de ex-ministers Verburg en Klink.
Kijk en huiver!

Ik sluit af met de transcriptie van het van het slotfragment van de genoemde Zembla – uitzending:

[ KV – K. Verduin, arts microbioloog aan de Laboratoria voor Pathologische en Medische Microbiologie te Eindhoven]

Zembla            De grote vraag is waar is minister Klink?
                       Wat  heeft hij gedaan om deze epidemie te bestrijden?
                       Maar de minister van Volksgezondheid wil niet met Zembla praten.
 
Zembla            Hoe zou u de aanpak van minister Klink typeren?
 
KV                   Het is te weinig. Het is te laat. 
                      Ik denk dat minister Klink ziet dat de epidemie niet onder controle komt.  Daar heeft hij misschien op gehoopt.
 
Zembla            Is dat misschien naïef van hem geweest dan? Denken, nou het waait wel over?
 
KV                   Ik denk niet dat minister Klink naïef is.
                       Ik denk dat minister klem zit, omdat hij ook met Landbouw te maken heeft……
 
Zembla            Maar hij moet toch opkomen voor de belangen van de volksgezondheid/
 
KV                   Ja, maar het lijkt erop dat er niet met de vuist op tafel geslagen wordt…
 
Zembla            Neemt u hem dat kwalijk?
 
KV                   Ja
 
Zembla            Heeft hij de belangen van de burgers van Brabant niet goed gediend?
 
KV                   Nee, die heeft hij niet goed genoeg gediend! Absoluut niet!
 
 

Geplaatst in Joop van Haaften-2011-01 | Tags: , , , , | 2 reacties

Gezocht: ‘eer en geweten’ van de ex – (CDA)-ministers Verburg en Klink – deel 1

qkkkk
 
Kort geleden motiveerde Volkskrant-ombudsman Thom Meens de opheffing van het Volkskrantblog met het argument dat nooit sprake is geweest van hoogwaardige burgerjournalistiek .
Om dit te logenstraffen plaats ik hier mijn 10e en laatste VK-blog over het Q-koorts-drama (15 sterfgevallen, ruim 4000 geïnfecteerde patiënten, waaronder enkele honderden met de ernstige chronische variant) dat ons land al jaren teistert als gevolg van falend overheidsbeleid.
 
Aan de hand van de kabinetsreactie op het Evaluatierapport van de Commissie- Van Dijk wijdde de Tweede Kamer er haar eerste debat in het nieuwe kalenderjaar aan

Waar het professionele ‘Haagse’ journaille zich – vrijwel zonder uitzondering – beperkte tot  het sensationeel en kritiekloos beschrijven van de (inderdaad) heftige confrontatie tussen fractievoorzitter Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren en VVD-minister Edith Schippers van Volksgezondheid, verhelder ik hier nog eenmaal waarom het falende optreden van de ex – bewindslieden Verburg en Klink de inzet van het zware instrument van de parlementaire enquête  zou rechtvaardigen.

Maar eerst het woord aan de reguliere pers.
Het meest bont maakt De Telegraaf het met de kop: “Keiharde Thieme wekt afschuw”, doelend op diens ‘ongewoon harde beschuldiging’ van ‘dood door schuld’ als gevolg van verwijtbaar handelen dan wel nalaten –  aan het adres van ex-minister van Landbouw Gerda Verburg.
De krant van Wakker Nederland citeert ook het CDA-kamerlid Henk Jan Ormel: “Dierenartsen, hulpverleners, ministers, iedereen zet zich zo goed mogelijk in. Natuurlijk zijn er fouten gemaakt. Maar beschuldig hen niet van het veroorzaken van slachtoffers!”

[ Commentaar JvH]:  Je moet als CDA-ers maar durven, WANT

de Commissie Van Dijk stelt onomwonden  in generale zin in haar rapport, “ dat de verantwoordelijke bestuurders van Landbouw (Verburg) en VWS (Klink) in de eerste jaren te laat en te weinig bestuurlijke activiteiten hebben ondernomen bij de bestrijding van de gevolgen van de uitbraak van de Q-koorts in Noord-Brabant.

1.    Ik citeer uit het rapport: “Terwijl de verheffing van de epidemie zich in 2007 voordeed, kwam de aanpak van de Q-koorts pas eind 2009 in een stroomversnelling…De bestuurlijke activiteiten namen toe doordat er steeds meer patiënten kwamen, er een informeel (politiek) netwerk actief werd en door de groeiende media-aandacht.”

Wat het laatste betreft, kan het effect van de uitzending van het onthullende VARA-programma ’Zembla’ van 6 december 2009 moeilijk worden overschat: enkele dagen later kwamen Verburg en Klink ten lange leste met de ingrijpende maatregelen, die ze – met consequent negeren van het voorzorgbeginsel – voor zich uit hadden geschoven!

2.    Ondanks deze voor het CDA uiterst belastende voorgeschiedenis geneerden het Kamerlid Ormel en Verburg’s ambtsopvolger, staatssecretaris Henk Bleker van die partij,  zich er niet voor, om – ook nu weer –  de beproefde trucs van stal te halen om het evidente falen, anders gezegd ‘de schuld’ van Verburg en Klink,  te maskeren, te weten: het bagatelliseren van de feiten en het veralgemeniseren, objectiveren, en abstraheren van de problematiek. Een voorbeeld: “er  zijn nog 85 andere (onvoorspelbare) zoönosen, d.w.z. besmettelijke dierenziekten, die op mensen kunnen overgaan”

Staatssecretaris Bleker had zelfs het lef om met een stalen gezicht het volgende staaltje blufpoker ten beste te geven:

Als er ooit een bewindspersoon van Landbouw is geweest of ooit nog zou komen, die denkt dat hij het belang van de sector dient door dat op enig moment boven het algemene volksgezondheidbelang te stellen, dan heeft die mijnheer of mevrouw een geweldige kronkel gehad. Want dat is toch echt heel absurd redeneren: denken dat je een economische sector kunt beschermen door een publiek gezondheidsbelang minder hoog te achten dan het economisch beklang van je sector. Dan heb je het volgens mij helemaal niet begrepen. En onze ambtsvoorgangers hebben dat niet gedaan en ik mag ook hopen dat wij dat niet zullen doen.”
 
[Commentaar JvH]

De Commissie Van Dijk schroomt echter niet in de chronologische terugblik op blz. 57 te noteren, dat “GGD-artsen en microbiologen in de Zembla-uitzending van 6 dec. 2009 zeggen dat onnodig veel mensen de Q-koorts hebben gekregen en dat de belangrijkste reden daarvan is dat de economische belangen van de sector hebben geprevaleerd boven de belangen van de Volksgezondheid.”
………
“In het radioprogramma Tros Kamerbreed zeggen de ministers dat voor hen beiden de volksgezondheid altijd belangrijker is geweest dan de economische belangen van de geitenhouders.”

{ JvH: Een kind snapt nog dat de ministers geen enkele andere optie hadden dan voor deze plichtmatige ontkenning te kiezen!}

>>>>>  ga naar deel 2   <<<<<<<<

Geplaatst in Joop van Haaften-2011-01 | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

‘Ik druk mij voelend en tastend uit, zowel in woorden als in beelden’

 
just schafgans

                                                                                                 Artishock-exposant Just Schafgans
 
 door Joop van Haaften
 
Artishock-exposant gedurende de maand februari is de beeldend kunstenaar Just Schafgans (1940) uit Rotterdam. Hij is tot een beoefenaar van de Moderne kunst te rekenen.  Zijn werk kan worden gekarakteriseerd als lyrisch – expressionistisch in de lijn van grootheden als Joan Miro en Cy Twombly.
Schafgans schildert met olieverf op doek, maar past ook gemengde technieken toe,  zoals oliepastels, inkt, papier gelijmd op linnen en gipspleister. De keuze openbaart zich tijdens het creatieve proces. De kunstenaar zegt het Oscar Wilde na: ‘Wat het eerst komt in gevoelens,  is het moeilijkst vorm te geven’.

‘Wounded healer’
Het  motto van zijn expositie is ‘the Wounded Healer’. Een metafoor die de kracht toont van het onder ogen zien van de kwetsbaarheid van het menselijk leven.  Zelf heeft hij daar veel mee te maken gekregen. Amper drie weken oud overleeft hij het bombardement van Rotterdam.  Zijn geboortehuis aan de Henegouwerlaan staat op de rand van de brandgrens. Het jonge gezin verhuist naar Den Haag met als dramatisch gevolg dat het begin 1945 van dichtbij ook het geallieerde bombardement van Bezuidenhout te verduren krijgt. Terug in Rotterdam moet hij vanwege astma vaak school verzuimen. Troostrijk zijn de stripboeken, waarop zijn ouders hem trakteren. Via ‘de klare lijn’ maakt hij voor het eerst kennis met de tekenkunst.
 
Sterrenwacht
Zijn vader bracht het tot hoofdboekhouder. Zijn ouders willen dat de drie kinderen het verder schoppen. Hij behaalt het diploma HBS-B en doorloopt de HTS – electrotechniek. Hij ontmoet zijn ex-vrouw en is op zijn 25ste vader van een zoon en een dochter.  Zijn tewerkstelling als erkend dienstweigeraar is van korte duur. Hij raakt overspannen. Psychotherapie en haptonomie brengen hem er weer bovenop. Computercursussen effenen het pad naar de aanstelling als programmeur aan de Leidse Sterrenwacht. Schafgans: “Ik werkte voor professor Oort, de wereldvermaarde  baanbreker van de radioastronomie. Ik was daar helemaal op mijn plek. Terugkijkend sloot het helemaal aan op mijn belevingswereld, namelijk wat Paul Klee ‘het zichtbaar maken van het onzichtbare ’ noemt.”

Autodidact
Zijn gezondheid blijft kwetsbaar. In 1982 wordt hij afgekeurd voor zijn betrekking bij de Sterrenwacht. Studie voor de MO-akte Esthetische vorming voert hem naar de Vrije Akademie Den Haag, waar hij experimenteert bij Wil Bouthoorn. Hij vestigt zich als fulltime beeldend kunstenaar in het hart van  Rotterdam. Zijn atelier is hemelsbreed slechts enkele honderden meters verwijderd van zijn bovenwoning aan de Provenierssingel. Daar puilt de woonkamer uit van kunstboeken over iconen van de Moderne kunst, zoals Kandinsky, Klee en zijn persoonlijke favorieten Joan Miro en Cy Twombly. Schafgans: “Zij inspireerden de autodidact in mij. Het creëren is vaak een eenzame worsteling,  maar tegelijk een meditatie die tot zelfbevestiging leidt.  Zelf ‘het wiel uitvinden’ levert mij een geluksgevoel op.”

Emoties
Schafgans: “Ik voel me gauw onveilig in de wereld van woorden, begrippen en definities. Als mensen die met nadruk op mij loslaten, klap ik dicht. Een fysieke reflex uit zelfbescherming. Ik druk mij voelend en tastend uit, zowel in woorden als in beelden. Mijn werken komen voort uit mijn emoties. Die uiten zich eerst in details. Later verbind ik die tot een groter geheel. Hoe en wat verrast mij meestal ook. Zo kan er een negenluik ontstaan waarin het detail ‘onschuldig kind’ in het midden op zijn plaats valt.”

Exposities
Just Schafgans exposeerde eerder, o.a.: Espace Lucernaire, Parijs, 1992 – ‘Draaiorgelmuziek in Load I, M.S. Stubnitz, Rotterdam, 2001 – ‘” Ik en de Ander’, Galerie Kralingen  met Ineke Calis en Kees Touw, 2006 en ‘Ik, dè Ander’, ISVW Leusden, 2007.
Groepstentoonstellingen: Herfstsalon Gemeentebibliotheek R’dam, 1985 – ‘De Salon’, Kunsthal R’dam, 1999 – Raamkunst Heemraadsingel / Provenierssingel, 1992 – 2008.
 
De feestelijke opening van de expositie is op zaterdag 5 februari a.s. om 20.00 uur in Artishock, Steenhoffstraat 46a, Soest. De opening wordt gecombineerd met Artishock’s JazzClub, waarin het huisensemble Perron 5, ditmaal – samen met Wieke Garcia (zang en percussie) – optreedt.
 
De expositie loopt t/m 23 februari  en is opengesteld op dinsdag-, woensdag- en vrijdagochtenden tussen 10.00 en 12.00 uur, en op de filmhuisavonden ( zondag- en maandagavond van 19.15 uur tot 20.15 uur ). Iedereen is welkom; de toegang is gratis. Nadere informatie: Semmy Prinsen, huismeester (035) 601 95 77.
 

Geplaatst in Joop van Haaften-2011-01 | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Job Cohen en Lilianne Ploumen, een tweespan dat de PvdA uit het moeras gaat trekken!

 job cohen  lilianne
 
Op de dag na de – door SP en GroenLinks gesteunde – PvdA-manifestatie in Amsterdam, kan het geen kwaad eens te wijzen op een luxe gegeven, dat zich nu in de top van laatstgenoemde partij voordoet : Partijleider en fractievoorzitter Job Cohen en partijvoorzitter Lilianne Ploumen vullen elkaar – in verschillende opzichten – uitstekend aan: Man versus vrouw, zestiger versus veertiger, Randstedeling versus Limburgse, bedachtzaamheid versus bevlogenheid, enz.
 
Een sterk contrast met de aanloop naar de Tweede  Kamer-verkiezingen van 2006  toen Cohen’s voorganger Wouter Bos een koppel vormde met de toenmalig partijvoorzitter en campagneleider Michiel van Hulten. Zij waren in veel opzichten evenbeelden: beiden mannen, veertigers, jonge honden, hoog opgeleide en ambitieuze politieke dieren, enz. Maar hadden elkaar ook meer potentiële rivaliteit dan complementariteit te bieden.

Gelukkig liggen de kaarten nu anders !
 
Analyses
Eergisteren, aan de vooravond van de grote progressieve manifestatie in Amsterdam, pakten de Volkskrant en de NRC uit met uitvoerige analyses over de welhaast onmogelijke opgave voor de PvdA om uit de aanhoudende malaise te geraken, waarin vrijwel de totale sociaaldemocratie in Europa is beland.

“Het is geen goede tijd om bij de PvdA te zitten, terwijl een partijlid best anders had mogen hopen. De PvdA is de grootste oppositiepartij, staat in een rijke ideologische traditie. Partijgenoten hebben jarenlang grote beslissingen in het landsbestuur genomen, zijn darmee beroemd geworden. Voormalig partijleider Bos heeft recent nog als minister van Financiën een belangrijke en succesvolle rol gespeeld in de poging Nederland te beschermen tegen de ergste gevolgen van de wereldwijde economische crisis. [NRC].”

Mediacratie
En van het journaille in de huidige mediacratie moet de PvdA het al helemaal niet hebben. Sinds zijn nipte verlies op 9 juni 2010 van VVD-lijsttrekker Mark Rutte [81.000 (!) stemmen en 1 (!) Kamerzetel minder] wordt de ervaren bestuurder en – nu partijleider en fractievoorzitter – Job Cohen na zijn eerst onwennige en soms onzekere optreden voortdurend neergezet als een leider, die uitstraling en overtuiging mist. En schud dat beeld maar eens af als de tv-presentatoren, radioverslaggevers en krantenredacties dat gestaag en eensgezind ventileren!
Cohen wekt trouwens niet de indruk daar echt moeite voor doen. Hij komt er eerlijk vooruit dat hij nog ervaring moet opdoen op het ruwere toneel van de ‘straatvechters’- politiek aan het Binnenhof. Chapeau!

Tros Kamerbreed
Zaterdagochtend luisterde ik op Radio–1 naar het radioprogramma Tros Kamerbreed, waarin – naast Sybrand van Haersma Buma (fractievoorzitter CDA)  en Hans van Baalen (VVD -Euro-parlementarier) ook Lilianne Ploumen aan de tand werden gevoeld over actuele politieke zaken. Gedreven en kundig verdedigde de geëngageerde PvdA-voorzitter zowel haar partij als haar voorman Job Cohen in antwoord op de kritische vragen van de presentatoren Margriet Vromans en Kees Boonman.

Een fragment ter illustratie:

TKB     Kunt u de heer Haersma Buma een concreet voorbeeld  geven dat u een constructieve oppositie voert?
 
LP       Zeker. Bezuinigen is een keuze. Wij zouden andere keuzes makent. Ik heb een prima voorstel. Als de heer Haersma daarmee instem,t ga ik hier als spekkoper weg:
“Laten we de subsidie op villa’s afbouwen en laten we nu eens betaalbare huizen gaan bouwen voor starters.
 
TKB     U bedoelt de hypotheekrenteaftrek afbouwen…..?
 
LP       Inderdaad
Of een ander voorstel: “Laten we een wet maken die de natuurwaarden niet meer onderhevig maakt aan de grillen van opeenvolgende regeringen, maar die wel oog heeft voor duurzaamheid.
Het kan en moet anders en wij als PvdA hebben daarvoor veel medestanders gevonden.
 
Voorman
Aan het eind van de uitzending blijft zij pal staan voor het leiderschap van Job Cohen, ook wanneer de presentatoren als uitsmijter nog met interne twijfels (o.a. van oud PvdA-minister Guusje ter Horst) op de proppen komen. Ploumen: “Job Cohen is onze voorman. Hij heeft het volledige vertrouwen, ook voor de komende campagne voor de getrapte verkiezing van de Eerste Kamer. Wij geloven in zijn rustige en bedachtzame stijl.”

Ze verwerft hiermee zowaar ook de steun Van Baalen en van Van Haersma Buma. De eerste refereert aan de moeizame start van toenmalig VVD-fractievoorzitter Frits Bolkestein en –recenter nog – aan de wederopstanding van come-back-kid  en huidig premier Mark Rutte. Van Haersma Buma blijkt weinig waardering te hebben voor het stelselmatig desavoueren van Cohen: “In zijn algemeenheid zeg ik, laten we niet op de man spelen, maar het over de inhoud hebben.”

Authenticiteit
Waarmee ik maar wil zeggen: “De partij en de fractie hebben leiders, die elkaar uitstekend aanvullen. Laten we ons vooral niet van de wijs laten brengen door de modieuze trend in de media om te doen alsof de politiek zoiets is als topsport, waar het er steeds om gaat om te winnen van de tegenstander en om de gouden medaille te behalen.

Het is mijn overtuiging  dat het er voor politieke leiders – net als voor ieder van ons – uiteindelijk om gaat authentiek, overtuigend en betrouwbaar te zijn. Laat Cohen alsjeblieft zo rustig, bedachtzaam en samenbindend blijven als we hem kennen. Met daarnaast Lilianne Ploumen op haar beurt zo bevlogen en strijdbaar als we haar kennen.

En daarachter kan nog een hele rij van bekwame sociaaldemocraten worden opgevoerd. De ‘liberale’ NRC laat daarvan Lea Bouwmeester en mannen als Frans Timmermans, Ronald  Plasterk en Diederik Samsom aan het woord. Plasterk: "Dat Cohen geen straatvechter is, gaat in zijn voordeel werken’, denkt Plasterk. “Op een gegeven moment krijgen mensen behoefte aan iemand die verantwoordelijkheid neemt, die de boel niet op de spits drijft. Ik heb geen glazen bol, maar ik weet wel dat hij niet heel ander gaat worden.”

Geplaatst in Joop van Haaften-2011-01 | Tags: , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

WIKILEAKS EN HET VERANDEREND BEWUSTZIJN

“Alles leeft. Alles is deel van alles. Alles weet dit ook, Alles kent het stuk, Alles kent haar rol. Zo niet, dan stort het stuk in – dat weet alles.”
 
Aldus het – intrigerende – einde van de eerste alinea van deze gast-column, die ik hier – met toestemming van de schrijver – publiceer.
Vooraf een korte beschrijving van de achtergrond.
 
Al zo’n kleine tien jaar draai ik als vrijwilliger mee in enkele werkgroepen van de Soester Culturele Vereniging Artishock. Een daarvan is de ‘Salon der Wijsbegeerte’, waarin een groep van enkele tientallen deelnemers om de twee maanden met elkaar ‘de dialoog achter het gesprek ‘ aangaat en naar elkaars verhalen luistert.
Gisteravond droeg mede-organisator en -deelnemer Mateo Alvarez daar zijn volgende column voor.
Die wil ik u niet onthouden:
 
wikileaks

Wikileaks en het veranderende bewustzijn
 
En God zag dat het goed was.
Immers, Hij/Zij schreef het script, castte de rollen, ontwierp het decor, regisseerde het stuk in alle facetten, regelde de belichting en leidde de orkestbak. Tot in de kleinste details overdacht, niets overgeslagen – en blies er leven in. In alles. Alles leeft. Alles is deel van alles.
 Alles weet dit ook, alles kent het stuk, alles kent haar rol. Zo niet, dan stort het stuk in – dat weet alles.

Nou zijn er een paar, die er anders over denken, namelijk: "wat God kan, kan ik ook’, en zij creëren hun eigen spel met eigen spelers, enz.
‘Da’ s prima’, dacht God, ‘Ik zal ze wat extra vitaminen en mineralen meegeven voor de
Ego-boost, anders redden ze het nooit’.
‘Ja, maar dat is niet eerlijk’, zeiden de andere spelers.
‘Sssttt…’, maande God hen tot kalmte, ‘denk aan je rol; je weet wat er anders gebeurt, en
diep van binnen wil je dit helemaal niet … Weet je wat?
Ik creëer een site, waarop je alles plaatst wat je onrechtvaardig vindt, en kijk maar ’s wat er gebeurt … ".

God grinnikte, kent het script uit ’t hoofd, is zich ervan bewust – tot in de allerkleinste deeltjes. En al die allerkleinste deeltjes zijn van zichzelf bewust en van de verhouding die ze tot elkaar hebben. Een afbeelding van de grote kosmos verschilt in het niets van het kleinst mogelijk uitdrukbare (atomair, subatomair of nog verfijnder).
 Je zou dus kunnen zeggen dat we de kosmos in ons dragen, met dezelfde energetische wetten van aantrekken en afstoten.. Alles in ons mens-zijn weet dit ook, tot in het diepst van onze cel…

Nu, God dacht de mens een nieuwe taak toe: ‘ontwikkel het denken’.
En toen stond er één op en riep: ‘je pense, donc je suis’.
‘Ja zoiets’, zei God, ‘maar dan net even anders. ‘Nou, ga je gang … ‘

Maar ja, dat denken stond nog aan de wieg, had nog een hele weg te gaan – met vallen en
opstaan. De resultaten van het vallen kennen we, in het opstaan willen we nog wel eens vergeten hoe hard we elkaar daarbij nodig hebben.
 We krijgen op dit moment weer de gelegenheid op te staan, elkaars hulp te zoeken, hoewel nog aarzelend, het vallen is nog niet helemaal klaar. Het proces is niet meer vanzelfsprekend, het lijkt een keuze: ‘met wie gaan we mee?’.

Het ‘aan mijn lijf geen polonaise’ of ‘doe maar gewoon’ heeft zijn beste tijd gehad. We durven ons te wagen in gebieden waar geen klipklare antwoorden bestaan. Waar we de kans krijgen , innerlijk en in relatie tot het grote geheel – onze persoonlijke rol en , zo je wilt, het hele stuk te onderzoeken. Daarvoor is moed nodig, openheid, kwetsbaarheid.

Wikileaks is de grote gemeenschappelijke deler in deze openheid en moed; de bevrijding van het teruggetrokken besef dat we deel uitmaken van het Grote Geheel.
 De ziel krijgt (weer) ruimte om te spreken; om ons te herinneren aan waar we vandaan komen en ons te vertellen waar we naartoe gaan.
Tegen dit bewustzijn kan geen autoriteit op, geen Ego-isme (welke isme eigenlijk wel?), geen afgescheiden God-imitators …

Pijnlijk zichtbaar wordt ook hoe de autoriteit in het circus zich de act onzorgvuldig heeft
toegeëigend, het publiek meewarig het gestuntel gadeslaat – en zich afvraagt of de kindermatinee al afgelopen is …

Na vallen komt opstaan. We weten het wel, we zijn niet gek!

 (c) Mateo Alvarez , Soest – NL,  jan. 2011

Geplaatst in Joop van Haaften-2-2011-01 | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Finkers en Witteman in gesprek over de Dood.

finkers

Tweede Kerstdag 2010 zond de VARA-tv  ‘Liever dan geluk’ uit.  In de uitzending zijn Paul Witteman en Herman Finkers in gesprek over grote thema’s als liefde, kunst, geloof, vriendschap, dood en humor. Leidraad zijn teksten en liedjes uit Finkers’ theaterprogramma ‘Na de Pauze’, waarin ook het lied ‘Liever dan geluk’ voorkomt.

De gelijknamige dvd bestaat uit zestien liedjes en even zoveel vraagstukken, oorspronkelijk geschreven voor deze solotheatervoorstelling, maar nu recent opgenomen in een nieuwe studioversie, in nauwe samenwerking met Daniël Lohues, en verrijkt met nieuwe videoclips.

Ik licht  hier het thema ‘Dood’ eruit.

Paul Witteman maakte zijn moeite met ‘dit foutje in de schepping’ al vaker publiekelijk kenbaar.  
Filmregisseur Paul Verhoeven was er tijdens Zomergasten 2010 ook heel eerlijk over en deelde dat met presentator Jelle Brandt Corstius.
Verhoeven: “Ik vind het een ondraaglijk idee dat in de schepping niet iets anders is ingebouwd. Waarom de randvoorwaarden niet zo gekozen, dat er een andere uitkomst is? Het idee dat ik dood ga is heel benauwend. Je raakt niet alleen je geliefden kwijt, maar ook jezelf.  Mijn obsessieve werken is een remedie en ook een bescherming tegen een psychose.”

Hieronder volgt mijn transcriptie van het gesprek tussen Herman Finkers en Paul Witteman over de Dood op 26 december j.l.

HF       Voor mij geen feestje in de IT, geen rondvaart met een boot
            De dag dat ik begraven wordt, respect graag voor de dood
            Geen zangers met hun laatste hit, geen champagne met een toast
            De dag dat ik begraven wordt, wordt op het sterven niet geproost
            Geen rouwclown of rode mist, geen flesjes whisky in m’n kuil
            De dag dat ik begraven wordt, alleen wat kraaien en ’n uil
                                                                                               [ zang fragment]
 
PW      We gaan het hebben over ‘Mijn laatste eer’, want toen je dit zong filosofeerde je eigenlijk over je eigen begrafenis. En hoe het niet moet.
 
HF       Ja, het eerste deel van het lied gaat helemaal over hoe ik mijn begrafenis zie. En het komt eigenlijk voort uit toen ik die begrafenis van Manfred Langer zag. Wel lang gelden.
 
PW      Van de disco de IT.
 
HF       Daar werd de trend gezet dat je een feestje maakt van je begrafenis. Zijn kist werd op een rondvaartboot gezet. Hij hield een feest in de IT met flesjes whisky die in een kuil werden gegooid. Daarna heeft die trend zich voortgezet, ook met Andre Hazes met rook erbij.
 
PW      Het werd publiek gemaakt voor iedereen
 
HF       Ja voor iedereen. Men zegt dat het is om de dood toegankelijk te maken, maar ik vind ‘t het wegduwen van de dood. Dus voor mij hoeft dat niet. Ik vind  hoe verstilder, hoe mooier. Respect graag voor de dood, zeg ik. Een diepe buiging ervoor maken. 
Heel vroeger was het zelfs zo als je katholiek was en er kwam een begrafenisauto voorbij dat je je pet afnam, ook al kende je de persoon niet.
 
PW      Ja, waarvoor eigenlijk?
 
HF       Eerbied voor de dood.
 
PW      Voor de dood of voor de overledene.
 
HF       De overledene die ken je niet. Het grote mysterie van de dood komt langs. Dat is ook kunst. Zonder de dood ook geen kunst.
 
PW      Jij bent niet bang voor de dood?
 
HF       Wel voor het sterven op zich, maar ik denk wel eens – wat Gerard Reve ook zegt – dit leven is al zo geweldig en straks ook nog een leven in het hiernamaals, waar hebben we het eigenlijk allemaal aan te danken?
Ben jij bang voor de dood?
 
PW      …eh. Bang is niet het goede woord. Maar ik verwerp de dood. Ik vind het een enorme fout in de schepping.
 
HF       Oh, ik vind het een hoogtepunt. Zonder dood is er geen leven. Zonder dood is er geen kunst. Maar jij vindt het een foutje in de schepping……
 
PW      Ja, zoals wij hier zitten, genieten we van het feit dat we hier zitten en van al de dingen die het aardse biedt. Ik zie geen enkele reden dat daaraan door een toevallige celdeling die op hol slaat, een einde zou moeten komen.
En – als ik zo oneerbiedig mag zijn – als mensen zeggen dat ze het juist heel goed vinden, dan wantrouw ik dat. Ik denk dan: je weet dat het onvermijdelijk is, dus dan kun  je er maar beter zo ver denken.
 
HF       Al was het alleen maar daarom, dan zou je het moeten doen
 
PW      Ja, maar dat breekt het bij mijzelf  – altijd weer door
 
HF       Ja, hoe moet ik dat nou zeggen. Een foutje in de schepping, dat is natuurlijk ook zo, eigenlijk klopt het ook niet,  dat iets niet doorgaat, dat het ophoudt.
Dat betekent dus voor mij dat wij in een dimensie zitten, waarin wij niet goed zien. Wij zitten natuurlijk ook maar in onze dimensie van ruimte en tijd. Je hoeft maar iets te veranderen en je zit in een andere dimensie en alles geldt niet meer: de tijd geldt niet meer, de natuurwetten gelden niet meer.
Wat weten wij? Wij weten niks. Wij zitten in één groot geheim! ".

En ik?

Ik voel me erg thuis bij wat Herman Finkers zo prachtig onder woorden brengt.
De weerstand die ik zowel bij Witteman en Verhoeven hoor, verbaast me echt.
Wat me verrast is dat ze allebei het woord ‘schepping’ in de mond nemen. Eigenlijk hebben ze beiden ernstige kritiek op de ‘ingenieur’, die ‘het systeem’ heeft ontworpen en uitgevoerd.

Zelf  heb ik moeite om me in te leven dat alles door zou gaan. Dat iedereen door zou blijven leven. Dat ik 300 jaar zou (moeten) worden.
Ik ben, geloof ik, verslaafd aan de kringloop van de seizoenen. Eind deze winter is er weer plaats voor een nieuwe lente.
En hoe lang ken ik al het poëziealbum – rijmpje ‘Rozen verwelken, schepen vergaan, maar onze liefde blijft altijd bestaan’?

Geplaatst in Joop van Haaften-2-2011-01 | Tags: , , , , | 5 reacties